Ga direct naar de inhoud
WerkMoetLonen.nl
Prinsjesdag 2026. Wat het Belastingplan 2027 doet met wat jij overhoudt. Lees het
Rekenrapport · belastingjaar 2026

Werken loont niet altijd

Bij een laag, een midden en een hoog inkomen.

Hoeveel blijft er over na een inkomensstijging
van € 1.000 op jaarbasis?

Het ligt niet aan wat je verdient, maar aan hoe je huishouden in elkaar zit.

Laag inkomen

€ 32.000

Alleenstaand, geen kinderen, huurwoning van € 650 per maand.

Inkomensstijging + € 1.000
Belasting en premies − € 358
Afbouw toeslagen en kortingen − € 458
Netto € 185

18 cent van elke extra euro.

Bekijk de hele som

Midden inkomen

€ 80.000

Twee ouders, drie kinderen van 1, 3 en 6 jaar, dagopvang en bso, huurwoning van € 900 per maand.

Inkomensstijging + € 1.000
Belasting en premies − € 376
Afbouw toeslagen en kortingen − € 805
Netto − € 181

Minder over dan ervoor.

Bekijk de hele som

Hoog inkomen

€ 151.000

Twee ouders, twee kinderen van 1 en 3 jaar, vijf dagen dagopvang, koopwoning.

Inkomensstijging + € 1.000
Belasting en premies − € 495
Afbouw toeslagen en kortingen − € 665
Netto − € 160

Minder over dan ervoor.

Bekijk de hele som

01 · De som

Waar de € 1.000 blijft

Van elke euro die je meer verdient, gaat een deel naar belasting. Dat staat in de belastingschijven. Maar er gebeurt meer. Verdien je meer, dan krijg je minder korting op je belasting en minder toeslag. Dat staat niet op je loonstrook, maar het kost wel geld. Zo betaal je twee keer: eerst het tarief, en dan de afbouw erbovenop.

Daardoor houd je veel minder over dan de schijven doen vermoeden. Dit gebeurt bij lage, midden en hoge inkomens. Het enige verschil is hoe je huishouden in elkaar zit. Ook wie weinig toeslagen heeft, betaalt meer dan de schijf zegt.

€ 32.000 Laag inkomen

€ 185 netto

€ 80.000 Midden inkomen

− € 181 netto

€ 151.000 Hoog inkomen

− € 160 netto

Belasting en premies Afbouw kortingen Afbouw toeslagen De € 1.000 die erbij kwam

Geen mening. Een som.

Elk bedrag is na te rekenen, met de wet erbij.

Reken het uit voor jezelf

02 · Waar het vastloopt

Waar meer werken niet loont

Acht huishoudens, van € 0 tot € 150.000 bruto per jaar. Waar een lijn dik is, blijft van elke extra euro hooguit 30 cent over. 7 van de 8 lopen ergens vast. De drie van hierboven en een alleenstaande ouder staan aan; vink de andere aan om ze ernaast te zetten.

€ 0€ 30.000€ 60.000€ 90.000€ 120.000€ 150.000€ 0€ 25.000€ 50.000€ 75.000€ 100.000€ 125.000€ 150.000bruto huishoudinkomen per jaar
Welke huishoudens de grafiek toont

Toon in de grafiek

Netto huishoudinkomen per jaar Dikke lijn: hooguit 30 cent per extra euro Bruto huishoudinkomen per jaar

  • Alleenstaand, huurwoning
    Tussen € 29.000 en € 41.000 bruto per jaar blijft van elke extra euro 20 cent over. Van € 1.000 per jaar erbij blijft hier € 200 per jaar over.
  • Gezin, 3 kinderen, huurwoning
    Tussen € 80.000 en € 149.000 bruto per jaar blijft van elke extra euro 25 cent over. Van € 1.000 per jaar erbij blijft hier € 250 per jaar over.
  • Gezin, 2 kinderen, koopwoning
    Tussen € 69.000 en € 100.000 bruto per jaar blijft van elke extra euro 24 cent over. Van € 1.000 per jaar erbij blijft hier € 240 per jaar over.
  • Alleenstaande ouder, 2 kinderen
    Tussen € 71.000 en € 135.000 bruto per jaar blijft van elke extra euro 27 cent over. Van € 1.000 per jaar erbij blijft hier € 270 per jaar over.

Elke stap van € 1.000 is een volledige berekening, maar of een lijn dik wordt, meten wij over drie stappen samen. Toeslagen lopen met inkomensgrenzen af, waardoor één stap van € 1.000 de ene keer veel oplevert en de andere keer weinig. Per stap gemeten zou een vlak stuk uiteenvallen in streepjes, terwijl het gemiddelde over € 3.000 laat zien waar een huishouden werkelijk vastzit.

03 · Waarom

Waarom werken niet altijd loont

Je laatste euro is je duurste

Over het laatste stuk van je inkomen lever je veel meer in dan gemiddeld. Fiscalisten noemen dat marginale druk, wij noemen het wat het is: het deel van je loonsverhoging dat je nooit te zien krijgt. Wij laten het zien per € 1.000 erbij.

De belasting is het halve verhaal

Verdien je meer, dan krimpen je heffingskortingen en slinken je toeslagen. Die toeslagen staan op geen enkele loonstrook, maar geld kost het wel. Zo kan de druk boven het hoogste belastingtarief uitkomen, en bij sommige gezinnen komt hij boven de 100 procent. Dan kost meer verdienen geld.

Jouw loonsverhoging, de toeslag van je partner

Toeslagen kijken naar jullie inkomen samen: wat jij erbij verdient, kan er bij je partner weer afgaan. Kijk je alleen naar je eigen loonstrook, dan maak je een halve som, en daarom rekenen wij het hele huishouden door.

Alle bedragen staan per belastingjaar op deze site, met de bron erbij: 2025 en 2026.