Belastingjaar 2026
Marginale druk: wat extra inkomen werkelijk oplevert
Marginale druk is het deel van een extra euro bruto inkomen dat niet terugkomt als extra besteedbaar inkomen. Bij 60% marginale druk leidt € 100 bruto erbij tot € 40 besteedbaar erbij. Het gaat niet om het gemiddelde over je hele inkomen, maar om de volgende stap: de belasting en premies daarover, plus de heffingskortingen en toeslagen die erdoor kleiner worden.
Een voorbeeld: bij een eenverdiener met twee kinderen en een huurwoning levert € 25.000 bruto erbij € 4.796 besteedbaar inkomen op, in belastingjaar 2026: een gemiddelde marginale druk van 80,8%. Het hoogste tarief in box 1 is 49,50%. Het verschil komt uit de afbouw van kortingen en toeslagen. Bekijk de berekening.
Waarom de druk hoger kan zijn dan het tarief
Een salarisverhoging raakt vier dingen tegelijk. Alleen het eerste staat op je loonstrook.
1. Belasting en premies
Over het extra inkomen betaal je het tarief van de schijf waarin het valt. In 2026 is dat 35,75%, 37,56% of 49,50%, inclusief de premie volksverzekeringen, die in de eerste schijven verwerkt zit.
2. Heffingskortingen bouwen af
De algemene heffingskorting en de arbeidskorting lopen boven bepaalde inkomens terug. Die afbouw werkt precies als een extra tarief: je betaalt niet meer belasting maar krijgt minder korting, en voor je netto inkomen maakt dat geen verschil.
3. Toeslagen lopen terug
Huurtoeslag, zorgtoeslag, kindgebonden budget en kinderopvangtoeslag dalen alle vier naarmate het inkomen stijgt. Lopen er meerdere tegelijk af, dan stapelen die afbouwpercentages op elkaar.
4. Het hele huishouden telt mee
Toeslagen kijken naar het gezamenlijke inkomen. Wat jij erbij verdient, kan dus doorwerken in wat je partner ontvangt. Marginale druk is daarom geen eigenschap van een salaris, maar van een huishouden.
Hoe het verschilt per huishouden
Acht voorbeeldhuishoudens, doorgerekend bij elk bruto inkomen van € 0 tot € 150.000 per jaar; vier staan aan, de andere vink je aan. Hoe steiler de lijn, hoe meer er van extra inkomen overblijft. Waar een lijn bijna vlak loopt, levert extra inkomen weinig op. Het zijn voorbeelden, geen steekproef: hoe vaak zulke stukken voorkomen, staat op de homepage, in cijfers van de ministeries.
Netto huishoudinkomen per jaar Dikke lijn: hooguit 30 cent per extra euro Bruto huishoudinkomen per jaar
-
Alleenstaand, huurwoning
Tussen € 29.000 en € 41.000 bruto per jaar blijft van elke extra euro 20 cent over. Van € 1.000 per jaar erbij blijft hier € 200 per jaar over. -
Gezin, 3 kinderen, huurwoning
Tussen € 80.000 en € 149.000 bruto per jaar blijft van elke extra euro 25 cent over. Van € 1.000 per jaar erbij blijft hier € 250 per jaar over. -
Gezin, 2 kinderen, koopwoning
Tussen € 69.000 en € 100.000 bruto per jaar blijft van elke extra euro 24 cent over. Van € 1.000 per jaar erbij blijft hier € 240 per jaar over. -
Alleenstaande ouder, 2 kinderen
Tussen € 71.000 en € 135.000 bruto per jaar blijft van elke extra euro 27 cent over. Van € 1.000 per jaar erbij blijft hier € 270 per jaar over.
Marginale druk is niet de gemiddelde druk
Wie 80% marginale druk heeft, draagt niet 80% van het hele inkomen af. De marginale druk gaat over de volgende stap. De gemiddelde druk is wat een huishouden over het hele inkomen per saldo afdraagt: belasting en premies min de toeslagen, gedeeld door het bruto inkomen. Bij huishoudens met toeslagen is de gemiddelde druk vaak laag en de marginale druk juist hoog, omdat die toeslagen bij een hoger inkomen afnemen.
In het voorbeeld hierboven is de gemiddelde druk bij € 60.000 15,7%, terwijl de marginale druk over de laatste € 25.000 80,8% is.
Voorbeeldsituaties, helemaal doorgerekend
Met dezelfde regels en dezelfde officiële parameters als de rekentool, elk met de uitsplitsing per regeling, de curve en de gegevens om te downloaden.
- Eenverdiener met twee kinderen: van € 35.000 naar € 60.000
- Alleenstaande huurder zonder kinderen: van € 25.000 naar € 40.000
- Alleenstaande ouder met kinderopvang: van € 30.000 naar € 50.000
- Gezin met drie kinderen in de opvang: van € 80.000 naar € 100.000
- Tweeverdieners met twee kinderen in de opvang: van € 151.000 naar € 171.000
- Alleenstaande zonder toeslagen: van € 40.000 naar € 50.000
- Tweeverdieners met een koopwoning: van € 80.000 naar € 100.000
- Een dag meer werken met kinderopvang: van drie naar vier dagen
Veelgestelde vragen over marginale druk
- Wat is marginale druk?
- Marginale druk is het deel van elke extra euro bruto dat je niet terugkrijgt als extra besteedbaar inkomen. Het is een optelsom: de belasting en premies over dat laatste deel van je inkomen, plus de heffingskortingen en toeslagen die erdoor kleiner worden. De gemiddelde druk zegt iets over het hele inkomen, de marginale druk over wat een stap erbij oplevert.
- Waarom kan de marginale druk hoger zijn dan het hoogste belastingtarief?
- Omdat er meer meebeweegt dan de belastingschijf. Het hoogste tarief in box 1 is 49,50%, maar boven bepaalde inkomens bouwen tegelijk de algemene heffingskorting en de arbeidskorting af, en ook de huurtoeslag, de zorgtoeslag en het kindgebonden budget lopen dan terug. Al die afbouwpercentages tellen bij het tarief op, en samen kunnen ze er ruim overheen gaan.
- Kan meer verdienen ervoor zorgen dat je minder overhoudt?
- Ja. Bij huishoudens waar meerdere toeslagen tegelijk aflopen, kan een stap van € 1.000 bruto meer dan € 1.000 kosten aan belasting, premies en lagere toeslagen. De marginale druk is dan hoger dan 100%: het huishouden verdient meer en heeft minder te besteden. Meestal gaat het om één stap, bijvoorbeeld waar de kinderopvangtoeslag een trede lager uitkomt; over een langer traject blijft er dan wel iets over.
- Hoe vaak komt een hoge marginale druk voor?
- Volgens het Ministerie van Financiën had in 2026 84,6% van de werkenden een marginale druk van 60% of lager, zat 4,5% boven 70% en 2,1% boven 80%. Hoge druk komt vooral voor tussen het minimumloon en een modaal inkomen, en bij huishoudens met kinderen of met huur- en zorgtoeslag. Bij de voorbeeldhuishoudens op deze site ligt het zwaarste stuk tussen € 29.000 en € 149.000 bruto per jaar: daar blijft van elke euro erbij 20 tot 28 cent over. Dat zegt iets over die huishoudens, niet over hoe vaak hun situatie voorkomt.
- Hoe rekent Werk Moet Lonen de marginale druk uit?
- Het hele huishouden wordt twee keer volledig doorgerekend, bij het ene inkomen en bij het andere, en het verschil wordt genomen. Er wordt nooit een percentage op een bedrag losgelaten, omdat dat percentage niet constant is. Alle gebruikte bedragen en grenzen staan per belastingjaar op deze site, met de officiële publicatie erbij.
De uitleg en de cijfers op deze pagina mag je overnemen onder CC BY 4.0, met vermelding van Werk Moet Lonen. Gaat het om een bedrag of een grens, noem dan ook de officiële publicatie die er hier bij staat. Die is de bron; Werk Moet Lonen is de berekening. Wat je precies mag hergebruiken staat apart beschreven.
Alle bedragen op deze pagina komen uit de gepubliceerde parameters van belastingjaar 2026. Die staan er stuk voor stuk bij, elk met de officiële publicatie waaruit die komt.